Pluim / Kogelschieten - Nederlandse Bond Voor Sportschutters

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Contactgegevens > Technische zaken
PLUIM- / KOGELSCHIETEN

Pluim Schieten   

De pluimcompetitie van de NBVS is niet alleen zo bijzonder doordat deze uitsluitend in Zuid-Limburg voorkomt , maar ook maakt elke schutter een kans een prestatiespeld in de wacht te slepen. De prestaties liggen in iedere klasse heel dicht bij elkaar. Dit komt door een ver doorgevoerde klasse-indeling waardoor elk team een kans maakt in de prijzen te vallen.

Het aantal klassen en het aantal teams per klasse wordt jaarlijks bepaald aan de hand van het totaal aantal ingeschreven teams. Het rangschikken en indelen van de ingeschreven teams in de diverse klassen is afhankelijk van de laatste, in een NBVS-competitie behaalde persoonlijk gemiddelde van de ingeschreven schutters. Als extra spanningselement is de pluimcompetitie in twee helften opgedeeld; een eerste en een tweede periode. De eerste periode levert een periodekampioen op, maar bij de aanvang van de tweede periode beginnen de teams weer van voren af aan. Door deze opdeling van het seizoen is het mogelijk dat een ander team (ook periodekampioen) kan worden. Zou hetzelfde team opnieuw als winnaar uit de bus komen, dan is dit automatisch kampioen. Zo niet, dan volgt een spannende beslissingswedstrijd tussen de twee titelhouders.  

Een wedstrijd in pluimvlucht

De pluimwedstrijden beginnen op zondagochtend officieel om 10.30 uur. Voor die tijd bestaat de mogelijkheid om op de baan het geweer in te stellen in verband met lichtinval en dergelijke. De afstand waarop geschoten wordt is bij de pluim 5,5 meter, waarbij de schutter uit de vrije hand schiet met de mogelijkheid om tegen een tafel te leunen. De wedstrijd gaat van start met twee schutters van rivaliserende teams die gelijktijdig in de baan staan en drie proefschoten lossen. Vervolgens worden er om en om twee series van negen schoten gelost.
Na elke drie schoten wordt er gewaardeerd; een pluimschutter weet dus meteen of hij voor of achter staat! Elk van de vier schutters van een team dient zijn serie binnen twaalf minuten te schieten, vervolgens wordt de procedure herhaald totdat elke schutter in totaal achttien schoten heeft gelost.
De schietuitslagen worden vervolgens naar de competitieleider opgestuurd; per schutter worden de scores bijgehouden en nieuwe gemiddelden uitgeteld. Uiteindelijk wordt één team kampioen, maar individueel bestaat daarnaast de mogelijkheid om topschutter van de bond te worden. Diegene met het hoogste gemiddelde van het seizoen ontvangt naast de titel een wisselbeker en een plaquette. Daarnaast is het mogelijk door het voldoen aan voorafgestelde normen om een bronzen, zilveren of gouden prestatiespeld in de wacht te slepen!

Kogelcompetitie

Bij de afdeling kogel wordt de competitie-indeling indien nodig in een speciale vergadering vastgesteld. Dit is overigens niet het enige verschil met de pluimcompetitie; de kogelcompetitie vindt plaats op zaterdagavond en er wordt geschoten op een afstand van 10 meter, volkomen vrijstaand en uit de vrije hand.
Een team bestaat uit drie schutters plus eventueel een of twee reserve schutters. Bij aanvang van een wedstrijd krijgt elke schutter dertig kaarten (rozen) uitgereikt. Deze dertig schoten dienen, inclusief de eventuele proefschoten, achter elkaar binnen 55 minuten te worden gelost. Pas na het laatste schot wordt de schietprestatie gewaardeerd. Het aantal geschoten ringen (maximaal 300 ringen) van de drie schutters wordt opgeteld en vergeleken met het rivaliserende team. Het team met de meeste ringen wint de wedstrijd.

De discipline opgelegd kogel wordt nu ook in competitieverband bij de N.B.V.S. beoefend in teamverband.
De schutters mogen gebruik maken van een standaard waarop het luchtgeweer tijdens de schietbeweging mag rusten. Aan deze standaard zijn normen toegekend waaraan men zich qua maten ed. moet houden.Per wedstrijd worden regulier 30 schoten gedaan. Het hoogst haalbare is 300 ringen.
Een team bestaat uit drie schutters plus eventueel een of twee reserve schutters. Bij aanvang van een wedstrijd krijgt elke schutter 30 kaarten (rozen) uitgereikt. Deze 30 schoten dienen, inclusief de eventuele proefschoten, achter elkaar binnen 45 minuten te worden gelost. Pas na het laatste schot wordt de schietprestatie gewaardeerd. Het aantal geschoten ringen (maximaal 300 ringen) van de drie schutters wordt opgeteld en vergeleken met het rivaliserende team. Het team met de meeste ringen wint de wedstrijd.
Vrijstaand alsmede opgelegd luchtgeweer kogel wordt geschoten de N.B.V.S. kaart.

Luchtpistool is momenteel in een opbouw fase en wordt individueel beoefend. De schutter heeft 40 schoten welke incl. de proefschoten in een tijdsbestek van 60 min. moeten worden gedaan. Er wordt geschoten op de I.S.S.F. kaart. (International Schooting Sport Federation.)

Copyright Nederlandse Bond Voor Sportschutters 2017
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu